Blog · Tips
Tips
Steeds dezelfde ruzie: dezelfde avond, van twee kanten
Een gewone woensdagavond, twee keer verteld. Eerst zoals hij het beleefde, dan zoals zij het beleefde.
Blog · Tips
Tips
Een gewone woensdagavond, twee keer verteld. Eerst zoals hij het beleefde, dan zoals zij het beleefde.
Herken je dit?
Als je bij een van deze regels knikte, is dit stuk voor jou geschreven.
Kort antwoord: een ruzie die steeds terugkomt gaat zelden over het onderwerp. Hij gaat over twee mensen die allebei reageren op wat de ander doet, en die allebei denken dat zij begonnen zijn. Hieronder staat één gewone avond twee keer verteld: eerst van de ene kant, dan van de andere. Dezelfde feiten, twee verhalen die allebei kloppen. Dat is precies het probleem, en het is ook de uitweg.
Woensdagavond, tien over acht. De kinderen liggen boven. Zij ruimt de keuken op. Hij zit op de bank met zijn telefoon.
Zij zegt: "Ik zou het fijn vinden als je af en toe zelf ziet wat er moet gebeuren."
Hij zegt niets en legt zijn telefoon weg.
Zij zegt: "Zie je, dit bedoel ik nou."
Hij staat op en gaat naar boven.
Zij blijft in de keuken staan.
Er wordt die avond niets meer gezegd.
Dat is het. Zes zinnen, twee minuten. En allebei liggen ze er die nacht van wakker.
Hij is om zes uur binnengekomen na een dag waarop drie dingen misgingen die hij moest oplossen. Hij heeft gegeten, hij heeft de kinderen naar bed gebracht, hij heeft voorgelezen. En nu zit hij tien minuten op de bank.
Dan komt die zin. En wat hij hoort is niet "ik zou het fijn vinden". Wat hij hoort is: je doet het weer niet goed.
Er gebeurt iets in zijn lijf voordat hij iets kan bedenken. Zijn borst wordt strak. Hij weet dat wat hij nu zegt verkeerd gaat vallen, want dat is de vorige keren ook gebeurd. Dus doet hij wat hem het veiligst lijkt: hij zegt niets en legt zijn telefoon weg. In zijn hoofd is dat meewerken. Hij denkt letterlijk: ik ga hier niet op in, want dan wordt het groot.
Dan komt "zie je, dit bedoel ik nou", en dat is het bewijs dat hij toch fout zit, wát hij ook doet. Nu is er niets meer te winnen. Hij gaat naar boven, niet om weg te lopen maar om te voorkomen dat hij iets zegt waar hij spijt van krijgt.
Wat hij die nacht denkt: het is nooit genoeg.
Zij staat sinds half zes te draaien. Eten, tassen, was, een gesprek over school dat ze nog moet voeren. Ze heeft de hele dag geregeld en ze is nu bezig aan het laatste stuk.
Wat ze wil zeggen is niet "je doet niets". Wat ze wil zeggen is: ik ben moe en ik zou willen dat ik er niet alleen voor sta. Alleen komt dat er niet zo uit, want ze heeft het al vaker geprobeerd en het leverde niets op. Dus komt het eruit als een verwijt, en dat weet ze zelf ook terwijl ze het zegt.
Dan gebeurt er niets. Hij zegt niets. Voor haar is dat het ergste dat er kon gebeuren: niet dat hij het er niet mee eens is, maar dat er niemand thuis geeft. Ze staat daar met iets wat haar echt bezighoudt en het valt in een gat.
"Zie je, dit bedoel ik nou" is dus geen aanval. Het is paniek. Het is nog één keer proberen om iets terug te krijgen.
En dan loopt hij weg. Voor hem is dat de rem erop zetten. Voor haar is het het bewijs dat ze het niet waard is om over te praten.
Wat zij die nacht denkt: ik ben hier alleen.
Dit patroon is oud en het heeft in de gezinstherapie een naam: de een achtervolgt, de ander trekt zich terug. Het maakt niet uit wie welke rol heeft, en die rollen wisselen ook per onderwerp. Bij geld is hij misschien degene die aandringt en zij degene die afhaakt.
Stel dat hij was blijven staan en had gezegd wat hij dacht: dat hij net twee uur met de kinderen bezig is geweest en dat zij dat niet ziet. Dat is waar. Hij zou gelijk hebben.
Stel dat zij haar lijstje was gaan opnoemen van alles wat zij deze week heeft gedaan en hij niet. Ook waar. Ook gelijk.
In beide gevallen wint er één en verliezen ze allebei. Want de winnaar heeft een punt gemaakt en de ander een stukje verder weggezet, en morgen staan ze op met dezelfde afstand plus een herinnering erbij. Zie Gelijk hebben of contact houden.
Gelijk hebben en contact houden zijn in zo'n moment twee verschillende dingen. Je kunt er één kiezen.
Niet een oplossing voor de huishoudelijke taakverdeling. Die komt later en die komt makkelijker als dit stuk eerst is geweest.
Zij: "Ik ben op en ik voel me er alleen voor staan." Dat is hetzelfde bericht zonder het verwijt, en het is bijna niet mogelijk om je daartegen te verdedigen.
Hij: "Ik merk dat ik dichtklap. Dat gaat niet over jou. Geef me tien minuten en dan kom ik terug." Het verschil met weglopen is dat laatste stuk: en dan kom ik terug. Zonder die zin is een pauze een vertrek.
"Dus jij staat hier de hele avond en je hebt het gevoel dat je het alleen doet." Eén zin, geen oplossing erachteraan. Zie Mijn vriendin zegt dat ik niet luister.
"Wil je dat ik nu opsta en meehelp, of wil je dat ik luister?" Dat lijkt overbodig en het is het niet: negen van de tien mensen gokken verkeerd en gaan dan het verkeerde repareren.
Op een moment dat niemand moe is. "Zullen we het zaterdagochtend over de week hebben?" is een afspraak. "We moeten hier eens over praten" is dat niet.
Dit is de hele vorm van dit stuk, en je kunt hem zelf doen met een ruzie die bij jou terugkomt.
Bijna iedereen die stap drie eerlijk doet, komt op iets uit dat hij niet had verwacht. Zie Perceptuele posities, waar deze werkwijze vandaan komt.
Ik heb deze avond zelf gehad, in verschillende versies. En het lastigste eraan vind ik nog steeds dat ik gelijk had. Dat is namelijk waar, en het hielp nergens tegen.
Wat mij het meest heeft veranderd, is de derde stap uit die oefening. Niet begrip opbrengen, want dat lukt me niet als ik boos ben. Maar letterlijk opschrijven hoe de avond eruitzag vanaf de andere stoel. Dan blijkt vrijwel altijd dat de ander niet aan het aanvallen was maar aan het overleven, net als ik.
Wat ik daarmee niet zeg: dat er nooit iemand fout zit. Soms zit iemand fout. Ik zeg dat je bij een ruzie die blijft terugkomen zelden de juiste vraag stelt als je vraagt wie er gelijk heeft, want die twee mensen zitten elkaar niet dwars: ze zitten in een lus die ze samen aan het draaien houden.
Deze vorm gaat uit van twee mensen die ongeveer even sterk staan. Is er iemand die de ander bang maakt, kleineert, bedreigt of slaat, dan geldt dit niet en is spiegelen zelfs gevaarlijk: dan ga je begrip opbrengen voor gedrag waar geen begrip bij hoort.
Bij onveiligheid thuis: Veilig Thuis, 0800-2000, gratis en dag en nacht bereikbaar. Bij direct gevaar 112. Ik ben geen arts, geen psycholoog en geen mediator, en dit stuk is uitleg en geen behandeling.
Wij zien de dingen niet zoals ze zijn. Wij zien ze zoals wij zijn.
Toegeschreven aan Anaïs Nin, De ontdekkingsreiziger, herkomst omstreden
Samir El Ouariachi
NLP Practitioner, vader van twee. Ik schrijf hier op wat mij zelf uit het idee heeft geholpen dat ik niet goed genoeg was. Geen aanbod, geen verkoop. Lees mijn verhaal of stel je vraag.
Op de hoogte blijven
Elke drie dagen verschijnt er een nieuw stuk. Laat je adres achter, dan krijg je er bericht van. Verder stuur ik niets, en afmelden kan met een klik onderaan elke mail.
Je krijgt eerst een mail met een bevestigingslink. Pas als je die aanklikt sta je op de lijst. Je adres gaat naar MailerLite, dat de verzending doet, en wordt nergens anders voor gebruikt. Zie de privacyverklaring. Liever geen mail? Er is ook een RSS-feed.
Kijk even in je mail. Er staat een bericht klaar met een bevestigingslink, en pas als je die aanklikt sta je op de lijst.
Verder lezen
Tips
Je zegt niets meer en dat wordt uitgelegd als onwil. Zo zit het meestal niet.
Tips
Rust bewaren voelt verstandig en is meestal uitstel met rente.
Weet je niet waar je moet beginnen? Doe de test van twee minuten.
Even sparren?
Ik ben geen dokter en geen psycholoog. Die denken vaak in kaders, en soms is er iets anders nodig: iemand die luistert, doorvraagt en niet meteen zijn eigen verhaal erbij haalt. Geen diagnose, geen traject, geen rekening.
Stuur een bericht met waar je mee zit. Wil je liever bellen, geef dan aan wanneer het jou schikt, dan bel ik je terug. Helemaal vrijblijvend.
Stuur een bericht Laat je terugbellen
Zit je echt in de knel, dan hoort daar iemand bij die naast je kan zitten. Dat zeg ik dan ook gewoon tegen je.