Naar de inhoud
Eerst Jezelf

Blog  ·  Tips

Tips

Wie zorgt er voor pa en ma? Dezelfde zondag, van twee kanten

De een woont dichtbij en doet alles, de ander woont ver weg. Allebei voelen ze zich tekortschieten.

10 minuten lezenGrenzen en anderen19 augustus 2026Samir El Ouariachi

De keukentafel van een oudere met een weekdoos voor medicijnen, een vaste telefoon en twee koppen, waarvan een gebruikt

Herken je dit?

  • De een doet alles en de ander belt op zondag.
  • Je bent boos op je broer of zus en je zegt het niet.
  • Je voelt je schuldig, hoeveel je ook doet.

Als je bij een van deze regels knikte, is dit stuk voor jou geschreven.

Kort antwoord: bij de zorg voor een ouder ontstaat bijna altijd hetzelfde scheve beeld. Degene die dichtbij woont doet het meeste en voelt zich het minst gezien. Degene die ver weg woont doet minder en voelt zich het meest schuldig. Allebei denken ze dat de ander het makkelijker heeft. Hieronder staat één zondag, twee keer verteld.

Wat een camera zou hebben gezien

Zondagmiddag. Moeder is 81, woont nog thuis, en is de laatste maanden vergeetachtiger geworden.

Karin is er sinds elf uur. Ze heeft boodschappen gedaan, de medicijndoos gevuld en de wasmachine aangezet.
Om drie uur belt Bram, die op twee uur rijden woont.
Moeder praat twintig minuten met hem en lacht.
Bram vraagt aan het eind: "En hoe gaat het verder, moet er nog iets geregeld worden?"
Karin zegt: "Nee hoor, het loopt wel."
Bram zegt: "Fijn. Laat het weten als er iets is."
Ze hangen op.
Karin ruimt de keuken af en rijdt om half zes naar huis.

Zoals Karin het beleefde

Ik ben er sinds elf uur en ik ben er woensdag ook geweest. Ik ken de doos met medicijnen, ik weet welke pot leeg is, ik weet dat ze de post niet meer opent en ik weet welke buurvrouw belt als er iets is.

Om drie uur belt Bram, en dan hoor ik haar lachen zoals ze de hele dag niet heeft gelachen. Dat gun ik hem. En het doet ook iets.

Dan komt die vraag: moet er nog iets geregeld worden. En ik zeg nee.

Waarom ik nee zeg terwijl er van alles is: omdat het uitleggen meer werk is dan het zelf doen. Omdat ik dan moet gaan vertellen wat er allemaal speelt, en aan het eind van dat gesprek is er nog niets geregeld en ben ik ook nog het zeurende zusje.

Wat ik eigenlijk wil is niet dat hij komt helpen met de was. Ik wil dat iemand ziet dat ik dit doe.

Wat ik in de auto naar huis denk: ik doe dit alleen, en ik heb net zelf gezegd dat het wel loopt.

Zoals Bram het beleefde

Ik bel elke zondag. Dat is niet veel, en het is wat ik heb: ik werk zes dagen, ik heb jonge kinderen, en het is twee uur rijden.

Ik weet dat Karin meer doet dan ik. Dat weet ik heel goed, en ik denk er vaker aan dan zij denkt.

Als ik vraag of er iets geregeld moet worden, meen ik dat. Ik bied het aan. En elke keer krijg ik nee hoor, het loopt wel.

Wat ik dan denk: ze wil het niet uit handen geven. Ze doet het op haar manier en ik doe het toch verkeerd, dus laat ik het maar bij haar.

En eerlijk: ik ben ook opgelucht als ze nee zegt. Dat vind ik van mezelf niet zo mooi. Maar ik hoor haar zeggen dat het loopt, dus ik hoef niet, en dat komt me uit.

Wat ik na dat telefoontje denk: ik doe te weinig, en ik weet niet waar ik zou moeten beginnen.

De lus

Er zit vaak nog een laag onder, en die komt uit een ander tijdperk. Wie thuis het brave kind was, wordt de verzorger. Wie het vrije kind was, wordt degene die belt. Dat is dertig jaar geleden ingesleten en niemand heeft het ooit afgesproken. Zie Familieopstellingen.

Wat het had kunnen onderbreken

1. Zeg het echte antwoord, één keer

Karin: "Er is wel iets. Ik ben moe en ik doe dit in mijn eentje." Niet als verwijt, als mededeling. Dit is de moeilijkste zin van het hele stuk en de enige die de lus stopt.

2. Vraag niet open, bied concreet aan

Bram: "Ik kan de administratie overnemen en ik kom de eerste zaterdag van de maand." Een open vraag legt het werk bij haar. Een concreet aanbod haalt er iets weg.

3. Verdeel taken, geen uren

Uren gelijk verdelen lukt niet als iemand twee uur rijden verderop woont. Taken wel. Post, verzekeringen, afspraken met de huisarts en het regelen van hulp kun je op afstand doen, en dat is vaak het stuk dat het meeste in het hoofd zit.

4. Zet het één keer op papier, met zijn allen

Wat er wekelijks moet gebeuren, wie het doet, en wat er nog niet geregeld is. Bijna niemand doet dit, en het maakt in één middag zichtbaar wat er al maanden onzichtbaar was.

5. Haal er iemand bij die er niet bij hoort

De huisarts, de wijkverpleging, of de casemanager dementie als daar sprake van is. Vraag bij de gemeente een gesprek aan over ondersteuning thuis. Dat je zelf zorgt, betekent niet dat je het alleen hoeft te doen.

6. Praat over vroeger apart van nu

De ruzie over wie er meer doet, is bijna nooit alleen een ruzie over wie er meer doet. Dat gesprek voer je niet aan het bed van je moeder en niet in dezelfde week.

Waar het echt over gaat

Onder dit alles ligt iets dat zelden hardop gaat: jullie zijn allebei bezig met iemand die achteruitgaat. Karin ziet het van dichtbij en elke week een beetje meer. Bram hoort het aan de telefoon en schrikt er elke keer opnieuw van.

Boosheid op je broer of zus is in die periode vaak makkelijker te dragen dan verdriet om je ouder. Dat is geen zwakte. Het is alleen goed om te weten wat je aan het doen bent als je ruzie maakt over een medicijndoos.

De oefening

  1. Schrijf op wat er die dag feitelijk gebeurde. Wie deed wat, wie zei wat.
  2. Schrijf jouw kant: wat je deed, wat het je kostte, wat je hoopte te horen.
  3. Schrijf zijn of haar kant, in de ik-vorm. Ook het stuk dat niet vleiend is.
  4. Zoek de zin waarop de ander reageerde. Bij dit patroon is dat bijna altijd "nee hoor, het loopt wel".

Zie Perceptuele posities, en Nee zeggen zonder dat het escaleert voor de zinnen zelf.

Hoe ik ernaar kijk

Wat mij hier het meest in opvalt, is dat degene die het meeste doet vrijwel altijd zelf de deur dichthoudt. Niet uit onwil, maar omdat vragen om hulp meer moeite kost dan doorgaan. En dat werkt, tot het niet meer werkt.

De zin "nee hoor, het loopt wel" is de duurste zin uit dit stuk. Hij bespaart je op dat moment een gesprek van tien minuten en hij kost je een jaar later een verhouding met je broer.

Wat ik er verder van vind: er is hier zelden een schuldige. Er zijn twee mensen die allebei tekortschieten in hun eigen ogen, die dat allebei niet zeggen, en die dat van elkaar niet weten.

Als het te zwaar wordt

Mantelzorg loopt vaak veel verder door dan mensen zelf zien. Slaap je slecht, ben je prikkelbaar, kom je aan niets meer toe: kijk dan bij Twaalf vroege signalen en bespreek het met je huisarts. Er is ondersteuning, ook respijtzorg zodat je er een week uit kunt.

Is er sprake van verwaarlozing, geld dat verdwijnt, of iemand die te ver gaat tegen je ouder: dat valt onder ouderenmishandeling en daar is een meldpunt voor. Bel Veilig Thuis, 0800-2000, gratis en dag en nacht. Ik ben geen arts en geen psycholoog.

Wie draagt, wordt zelden gevraagd hoe zwaar het is.

Naar een gezegde uit de mantelzorg, herkomst onbekend
Samir El Ouariachi

Samir El Ouariachi

NLP Practitioner, vader van twee. Ik schrijf hier op wat mij zelf uit het idee heeft geholpen dat ik niet goed genoeg was. Geen aanbod, geen verkoop. Lees mijn verhaal of stel je vraag.

Ken je iemand die hier iets aan heeft?

Deze knoppen zijn gewone links. Er wordt niets geladen van buiten en er wordt niets geteld.

Op de hoogte blijven

Nieuw stuk in je mail

Elke drie dagen verschijnt er een nieuw stuk. Laat je adres achter, dan krijg je er bericht van. Verder stuur ik niets, en afmelden kan met een klik onderaan elke mail.

Je krijgt eerst een mail met een bevestigingslink. Pas als je die aanklikt sta je op de lijst. Je adres gaat naar MailerLite, dat de verzending doet, en wordt nergens anders voor gebruikt. Zie de privacyverklaring. Liever geen mail? Er is ook een RSS-feed.

Even sparren?

Mail me, of laat je terugbellen

Ik ben geen dokter en geen psycholoog. Die denken vaak in kaders, en soms is er iets anders nodig: iemand die luistert, doorvraagt en niet meteen zijn eigen verhaal erbij haalt. Geen diagnose, geen traject, geen rekening.

Stuur een bericht met waar je mee zit. Wil je liever bellen, geef dan aan wanneer het jou schikt, dan bel ik je terug. Helemaal vrijblijvend.

Stuur een bericht Laat je terugbellen

Zit je echt in de knel, dan hoort daar iemand bij die naast je kan zitten. Dat zeg ik dan ook gewoon tegen je.